dinsdag 10 oktober 2017

Weblog is opgeschoond

400 oude berichten zijn weggenomen omdat ze er niet langer toe doen.
Opschonen is onderdeel van ons bestaan, evenals afsluiten en soms vergeet je dat wel eens. 

Bedoel dat achterom kijken niet altijd handig is en dat je zaken die je in het verleden kwijt wilde, er nu niet meer toe doen.

We gaan er weer fris tegenaan de komende tijden.
Bedankt volgens en meelezers, soms duizelt het me wel eens die hoeveelheden die meelezen.

Oké, je kunt nooit iedereen tevreden houden want dat kan zelfs een dominee niet. Er zal altijd wel iets aan en op te merken zijn op je schijven. Doch de kunst is te lezen tussen de regels door wat er nu eigenlijk gezegd wordt.Krek eender als een toehoorder in de kerk niet op elke slak zout moet plaatsen doch openstaan voor de onderliggende boodschap. 
Dacht ik..

Mama moet een katheter.


Plast blaas niet goed leeg dus blaasontsteking op ontsteking. Ma in luier wordt
ma met katheter. Moet nog even wennen. 57 jaar geleden was het Petertje in luier en nu is het andersom.

Ma kijkt tv. “Ben jij mijn man?” “Nee uw zoon.” “Oh ja.”
“Heb jij kinderen?” “Nee, enkel een stinkende bok.” “Haha, een bok die stinkt.”

Op de gang dribbelen de verpleegsters. Meisjes eigenlijk nog. Nou ja van vijfendertig dan, doch op mijn leeftijd verworden de meeste toch tot meisjes. Lief, zorgzaam, mooi, koket op soepele benen. Net zo soepel al die van mama ooit waren. Ooit.

Op de tv wordt een soort moderne rolveger te koop aangeboden. Bel je snel dan krijg je er twee voor de prijs van één. Ma kijkt meer naar de tv dan naar mij. Ik ben er wel maar als een schim een echo. Petertje kent ze wel dat leuke mollige ventje met grote ogen. Maar wie die oude vent met kale kop en baard ook weer is?

“Ben jij mijn man?” “Nee, ma uw zoon.” “Oh ja.” Maar haar ogen doen niet mee. Ze lijken te zeggen: ja daaaaaaag!”

Langzaam loopt moeder elke dag iets verder achter als een klok die versleten de tijd tracht weer te geven. Nog even dan is ze terug bij haar schooltijd. Dan bestaat er geen Petertje en zal ze ook die vergeten zijn.


Misschien is dat ook wel deels de reden dat mensen kinderen krijgen. Opdat zij zullen onthouden dat wat die ander niet meer kan.

maandag 9 oktober 2017

Mama’s schuld



We schrijven 1970. Petertje was negen jaar. Het vroor hard buiten en de straten lagen overdekt met een dikke laag sneeuw. Moeder was boodschappen doen
en ik zat met mijn zusjes binnenshuis wat te spelen op de grond. Vader haal de voorzichtig de glazen kelk van de lamp en zei: ”Haal jij in de lampenwinkel eens een nieuw peertje, en neem de kelk maar mee want het moet een smalle zijn anders past hij niet.”  

Waarom hij mij niet gewoon het oude kapotte lampje meegaf vraag ik mij nu dikwijls hardop af.
“Maar pa het is spekglad buiten straks val ik en is de kelk van de lamp stuk.” “Dan kijk je maar goed uit je doppen en niet vallen, denk  erom.”

ZO ging ik op pad en waar ik al bang voor was gebeurde, ik viel. Kelk was stuk, ik voelde dwars door het plastiek zakje dat er een groot stuk af was. Wat nu gedaan? Pa had harde handen die los zaten. Plotseling zag ik moeder die onderweg naar de bakker was en de bakker was direct naast de lampenwinkel. IK zag kans om onder mijn schuld uit te komen en propte de kelk in de boodschappentas van moeder met het verzoek van pa een passend peertje te kopen. En weg was ik.

Later vertelde moeder dat de kelk zeker tussen de boodschappen was gesneuveld en pa was boos op mij en ma. Maar hij sloeg niet. Het gekke is dat ik mijn leven lang al, als ik terugdenk aan dit incident uit mijn kinderjaren een enorme schuld voel. Ik liet moeder mijn schuld dragen. Het beroert nog altijd mijn hart.


Het komt omdat de onschuldige voor de schuldige de last ging dragen. En dat is nu precies wat Jezus deed. Hij betaalde voor wat ik fout deed. Daarom beroert het mij ook elke dag opnieuw. De onschuldige die de schuld op zich neemt en er de prijs voor betaalde. Het licht der wereld, de levenslamp liet zich doven en stuk maken om mij te helen. Hij liet Zijn licht doven om het in mij te ontsteken….

Ouderling op verzoek


De telefoon ging en aan de draad hing
een oude vriend uit de tijd dat ik in de Pinkster/Evangelische hoek kerkte en wel eens sprak. Hij was sinds een half jaar met een groep uit de gemeente gestapt na onenigheid en samen waren ze een nieuwe gemeente begonnen. 

De Joden noemen Chistenen niet zonder reden de split of the split, omdat we blijven splijten, als splijtzwammen met een hoop gezwam. De naam van de nieuw geboren gemeenschap ben ik even kwijt maar het klonk als “Gods ophaalbrug” of iets in die geest.
Hij was erg opgewonden en vertelde mij met de groep(die reeds 120 zielen betrof) die hij schapen noemde en waar ik mij aan stoorde als ik eerlijk ben want een schaap is maar een stom beest, gebeden te hebben wie ouderling moest worden en mijn naam kwam duidelijk door.

Ik stond enigszins verbluft met een rol toiletpapier onder mijn arm omdat ik nodig moest, maar van schrik trok alles zich terug. Vertelde hem dat ik niets vernomen had van boven en dat dit toch op z’n minst vreemd was.

Kreeg te horen dat ik onmiddellijk in gebed moest gaan en Gods aangezicht zoeken. Na over en weer gepraat (lees gezwam)eindelijk de hoorn neer kunnen leggen en diep nagedacht over deze kwestie. 

Wat halen sommige mensen zich toch allemaal in het hoofd?

Ik ben maar op de bank gaan liggen en droomde dat ik een superouderling was en over het scheren van schapen ging. Werd wollig wakker in de stellige zekerheid dat ik ongeschikt ben als ouderling. Je moet je grenzen nooit overschrijden, dan blijft kerken leuk…

zondag 8 oktober 2017

Nico ter Linde

Boek uitgelezen en weggeworpen. Dat gebeurt mij niet veel met “christelijke” boeken.
Het “probleem” met “wijsheid” is dat je er zover in door kunt schieten, dat je meent alles te kunnen verklaren en een filosofische plek te geven in je geloofsleven. Wie de Bijbel zo leest en tracht te verklaren, houdt slechts een goedkoop boek over als er zovelen zijn op deze aarde.

Hoe jammer dat menselijke wijsheid je in de weg kan staan bij het geloven in wonderen. Bij het aanvechten van het hogere denken van de Schepper en het jezelf zo lastig klein durven maken. Ik proef in dergelijk schrijven een soort Maarten t’Hart. Maarten trapt openlijk tegen het geloof aan en keert zich er van af. Nico lijkt het geloof te omhelzen doch als je goed kijkt is het slechts een eigen gemaakte versie.

Ik waardeer t’Hart meer, als ik eerlijk ben. Hij staat mij nader met al zijn strijd dan deze Nico die koningen Bijbels onderwijs geeft en zelf niet in staat blijkt de Koning der Koningen te erkennen voor wie Hij is.

Wie de Godheid en de wonderen uit de Bijbel probeert weg te redeneren, is druk bezig de poten onder zijn eigen stoel weg te zagen.
Begin steeds beter de woorden van Jezus te begrijpen als Hij zegt: ”Het is voor wijzen verborgen en aan kinderen geopenbaard."


Het boek van Nico gaat zo in de oud papierbak. Het had van mij een boompje mogen blijven. Zonde van het papier.

Thuis



Na twee jaar toch een echt thuis gevonden
waar men notie neemt van (nieuwe) leden en dat voelt erg fijn. Ook vanaf de kansel tot tweemaal toe een hartelijk welkom is meer dan verwacht en dat mag ook wel eens gezegd worden van de kerk in Langerak. We kunnen derhalve deze gemeente van harte aanbevelen bij mensen die ook graag het gevoel ervaren dat ze er bij horen. 

Als al geroepen heeft het twee jaar geduurd voordat wij deze stap maakten, doch uit alles blijkt dat we dit beter direct hadden kunnen doen.



Eens een dief, altijd een dief




Mensen die in (onze) ogen ooit een fout maakten, dragen al snel
die fout als een zwaar kruis de rest van hun leven met zich mee(ook binnen de kerk). Zonder ons vaak te verdiepen in de kwestie als zodanig, worden roddels of belasteringen gretig als zoete koek geslikt, zonder dat de persoon over wie het gaat zelf gevraagd wordt. Zelfs in de Bijbel komen we deze vreemde stelling een beetje tegen. Neem het verhaal over  iemand die ooit melaats was. Ene Simon. De beste man was al lang genezen en nog altijd wordt hij genoemd: ”Simon de melaatse.”

Ja, ja dat kleeft je aan hoor! De rest van zijn leven had hij de huid van een baby en toch, Simon de melaatse. Herkenbaar? Dat je misschien ooit iets fout deed en dat achtervolgt je de rest van je leven. Toen wij hier op het dorp kwamen wonen waren de eerste dingen die wij te horen kregen ook de dingen die die en gene op zijn geweten had. Lang geleden misschien, maar zulke praatjes worden gaarne als hagelslag op een boterham rondgestrooid.

Het bedekt ook zo heerlijk onze eigen blunders, dacht ik. Soms moet je dingen kunnen afsluiten en er verder over zwijgen zonder oude wonden keer op keer open te trekken, want wie zijn wij zaken die (misschien fout waren) en al waren ze fout, allang door God vergeven zijn, weer in te peperen?

Roddels, halve waarheden, kletspraatjes, ze zullen er altijd zijn, doch de kunst is te vergeven en vergeten. Zullen we het samen eens proberen in plaats van er na jaren nog over te leuteren

zaterdag 7 oktober 2017

Vampiers

De onstoffelijke wezens der nacht dansen over de sloten van de Molenwaard.
Ze zuchtten en steunen gelijk nymfomanen die gekust willen worden. Doch hun lippen behoren niet meer tot dezer aard. Elke vierentwintig uur herrijzen ze uit hun eigen as. Gelijk feniksen van het lage land.

Soms kun je een glimp van ze opvangen als de morgenzon de ochtend wakker kust. Even, heel even kun je ze horen lachen.

Dan langzaam, heel langzaam verdwijnen ze in het veen om tot de volgende nacht te slapen en weer te ontwaken dra het maanlicht hen oproept tot een nieuwe dans.

Boeren, boerenzoons, heren, mannen, kerels opgelet. Laat u niet verleiden hen in uwer armen te sluiten want eenmaal in deze omhelzing is voor altijd verloren. Er is geen weg terug…..

De kerk gaat uit


Mensen lopen veelal zwijgend in nette kledij in een lange rij huiswaarts richting de
koffie. Zwijgend zaten ze naast elkander in het “huis Gods” enkel om te zingen en halverwege die ene pepermunt naar binnen te schuiven ging hun mondje zuinig open.

Is dit nu eigenlijk wel wat de Heer voor ogen had als wij het hebben over de samenkomsten? Bijbels gezien meen ik te lezen: “een ieder heeft iets.” Een woord, een tekst, een lied, een getuigenis, een bemoedigend verhaal, een stukje leed, enfin de lijst is erg lang met zaken die men gewoon was te delen binnen de samenkomsten.

Hebben we het niet te statig en tegelijk te steriel gemaakt door alles op de schouders van die ene man (de voorganger) te plaatsen? Men kijkt je in sommige kerken al vreemd aan als je iets te luid voor de dienst de persoon naast je een goedemorgen toewenst. Zwijgen lijkt het hoogste goed. Zelfs het avondmaal wat ooit een samen eten was, is teruggebracht tot een stukje (nota bene gezuurd brood) en een nipje wijn.

Hebben we ons niet te veel laten afnemen? Is het niet verworden tot een schim van wat Hij voor ogen had?
De lange rij wandelt huiswaarts. Opnieuw zwijgend. Alsof het zo hoort. Kinderen die even uitbundig joelen, worden met een: sssstttt! Het zwijgen opgelegd.


vrijdag 6 oktober 2017

On-Bijbelse troost

Dikwijls bekruipt mij het gevoel dat de Bijbel als een soort
wonderboek wordt ingezet waarin al de antwoorden staan op lastige levensvragen. Ziekte, pijn, verdriet, lijden in al haar vormen of de dood.

Is een mens gebaat bij een Bijbeltekst, een preek, als lijden zijn leven keihard raakt? Een redelijke vraag dacht ik. Ik had (ja had) een vriend die een wijze van christen zijn meende te moeten beleven die ik als belerend zou willen omschrijven. Hij had op Bijbelse gronden altijd wel een antwoord en een tekstje klaar als er moeilijkheden opdoemden in je leven. 

Het ergerde mij als ik eerlijk ben, omdat ik meen dat zulks een fout gebruik is van het boek der boeken.
Het leek mij een ramp om in het ziekenhuis te liggen en hem met zijn Bijbelse waarheden aan mijn bed te krijgen. Begon er zelfs over te dromen en werd huiverend wakker. Bedacht dat ik onder deze omstandigheden hem wellicht zou afranselen met mijn (bijvoorbeeld) gipsen been.

Ik ben zo bang dat mensen die lijden niet zozeer zitten wachten op "pasgemaakte" Bijbelteksten, want die verworden dan slechts tot zout in de wonde.

Een welgemeende arm om je heen, lijkt mij wel een troost. Ik denk dan altijd aan de vrienden van Job die hem ook bestookten met allerhande “geestelijke praat”. Jobs lijden werd er slechts groter door en zelfs de Schepper vond het fout wat ze deden. Zullen we daar een les uit proberen te leren!

Vaak is zwijgen en er gewoon zijn voor de lijdende veelzeggender en troostender dan het opdreunen van Bijbelteksten, geloof mij. Zelfs woorden van de kansel gesproken tot de lijdende kunnen meer stuk maken dan dat ze troost bieden.
Te vaak is er geen antwoord. 

Dat komt lastig uit de mond van een christen, ik weet het. Maar beter zwijgen dan goedkoop met dure woorden gooien.