vrijdag 16 juni 2017

Gij zult geen contact zoeken met een overledene


Nou ja, daar komt het zo ongeveer wel op neer als wij de Bijbel lezen. De Schepper
staat niet toe dat wij vragen stellen aan de reeds gestorven mensen. Wij dienen niet tegen hen te spreken. In het verlengde denken we wellicht aan Saul en de heks van Endor die Samuel uit het dodenrijk deed opkomen.
De passage werpt nogal wat vragen op me dunkt. Doch ik wil niet die kant op van vragen doch van berusting en begrip. De gedachte over geen contact zoeken met de overledenen schoot mij te binnen toen ik op de begraafplaats bij de laatste rustplaats van een vriend stond.
“U bent nu in de gelegenheid om afscheid te nemen van uw geliefde,” sprak een dominee. Je staat voor het graf en mompelt in stilte wat woorden bij wijze van groet. Na een week weer terug om wat bloemen te plaatsen zoals het hoort en weer zeg je wat, want het is zo vanzelfsprekend dat je op die plek wat zegt. Hoewel de overleden persoon er lang niet meer is aldaar en al helemaal niets meer hoort.
De Schepper bedoelt het wellicht geheel anders dat contact zoeken met de overleden geliefden en toch praten wij vaak (ik wel) in gebed met hen. Goed, ze zeggen niet veel terug, dus mogen wij het wel praten noemen? Ach, de Schepper zelf zegt ook weinig of beter, niets terug en ook dat noemen wij bidden of praten met God.

Lastig allemaal, verdraaid lastig…

donderdag 15 juni 2017

Mollenseks

Een redelijke opdracht me dunkt. Soms lijkt het wel bij de beestjes af.
Mensen verwarren drift en lust maar al te vaak met liefde. Liefde en seks worden door de massa op één hoop geveegd. Men noemt seks dan ook wel de liefde bedrijven. Goed, seks kan en mag een onderdeel van liefde zijn, maar dan houdt het wel op. Veel vaker is liefde een daad die los staat van seks. 
Toppunt van liefde is voor mij dan ook geen hoogtepunt binnen het genoegen van seks doch:
De man die zijn vrouw duwt in een invalide-karretje.
De vrouw die ondanks haar zieke man toch gewoon met hem gehuwd blijft, ook al presteert hij niets meer in bed.
Het kind dat snoepjes deelt met een ander kind
Die uitgestoken hand naar hen die hulpbehoevend zijn
Je eigen ik proberen ondergeschikt te maken aan de anders wensen
Die ander dienen vanuit een houding van liefde
Jezelf durven wegcijferen is in onze tijd een houding die niet meer in trek is. En toch is het juist vaak die houding die ware liefde weergeeft. Veel meer dan al dat gestoei in bed.....

maandag 12 juni 2017

De grote stap


Wij allen moeten deze maken met de regelmaat van de klok. De grote stap van de luier naar een schone broek, van de pot naar de wc, van lekker thuis, naar
school te moeten. Herkenbaar me dunkt! Dan naar de grote school, de grote stap naar je slavenbestaan aan de arbeid. De nog grotere stap van je ouders huis naar een eigen leven, liefde, kinders misschien?

De stap van je eerste schamele woning naar een rianter huis met boompje en beestje. De kinders vliegen uit, weer samen en eigenlijk maak je geen grote stappen meer, ze worden kleiner. Nog een paar stappen in het verschiet, dan is het parkoers gelopen.
Het verzorgingstehuis waarbij stappen nu samengaat met de rollator, het kijken vanuit het raam naar de mensen die nog allemaal grote en kleinere stappen maken. Kijk ze eens draven je kunt het toch bijna niet meer voorstellen dat jij er ooit ook in meeliep. Bedoel die rij voortstappende mensen, nee het is wel mooi geweest nu. En dan die laatste stap over de muur van het tijdelijke heen het grote hiernamaals en onbekende in. Een reuzenstap die vaak in een zucht voorbij is.


En dan? We zullen het moeten afwachten want geen mens stapte ooit terug om even te vermelden hoe en wat. Nou ja, misschien eentje. Maar wie gelooft Hem nog in deze tijd? U? Nou, daar hoor ik van op dan!

zondag 11 juni 2017

De maden in Gods ontlasting

“Och, wij zijn als mens slechts de maden in Gods ontlasting.”
Twee oude mannekes in gesprek op een bankje op zondagmorgen vlak bij de kerk. Ze spuugden kringetjes  op de grond, rookten dikke sigaren (merk Hofnar) en wisselden
gedachten uit, waarbij die van de maden mijn deel werd toen ik hen passeerde.

Zoiets zet je aan het denken, me dunkt. Vooral het woord ontlasting. Een echte Hollander heeft nu eenmaal iets met stront. We hebben tenslotte strontjongens, poepdozen, schijtlijsters, racekakkers, windeieren, dreknekken, aarskrabbers, poepchinezen, holtorren, tonnenschijters, enfin, u snapt het al, die lijst is ellenlang. Hollanders hebben iets met uitwerpselen en met winden laten.

Maar toch, die woorden van de oude mannetjes, die inmiddels achter hun rollator kropen en op getuite pantoffels richting huis kuierden zijn tweeledig uitlegbaar. Dat de mens niet veel meer dan een worm is, leer de Bijbel al. Lees psalm 22 gerust eens na.

Doch die ontlasting van de Schepper gaat wat dieper. De zonde-ontlaster als u begrijpt wat ik bedoel, is van een ander kaliber dan de Schepper die Zijn behoefte doet. Hoewel ik me sterk kan vergissen maar ik vermoed dat Hij geen behoeften heeft en al helemaal niet behoeft te doen.

Blijft het ontlasten van zonden over en ook dat klopt. Hij kwam om uw en mijn zonden op zich te nemen. Of heeft u die niet! Nou dan!

Help ik kan niet stoppen met zondigen


Is dat op de keper beschouwd niet een kreet die ons allen treft? Alle
kerken en spiritualiteit ten goede, de mens zondigt. Alle verlossing ten spijt, alle vroomheid, kerkgang, belijdenissen en besnijdenissen geestelijk en in het vlees, de mens zondigt voort, ik ook.
Er is geen mens die deze dag zonder zonden doorkomt. 

U niet, ik niet, niemand. Laten we dus vooral stoppen met het opdelen van de mensheid in zondaren en niet zondaren. In schuldigen en onschuldigen want er zijn geen onschuldigen. Het heeft dan ook geen enkele zin om anderen de schuld te geven van dingen die wij zelf ook fout doen. We zijn allen overgeleverd aan Gods genade. En daarvoor zond Hij nu zijn Zoon. De Here Jezus kwam niet om goede mensen te zoeken. Hij Kwam niet om geestelijk geslaagde mensen bij te staan. 

Hij kwam niet om kerken te stichten vol met heiligen. Welnee. Hij kwam om zondaren zalig te maken. Bent u een zondaar? Dan zoekt Jezus u!
Het: zondig daarna niet meer, is geen letterlijke opdracht, want u en ik kunnen niet stoppen met zondigen. Of meent u deze dag werkelijk door te kunnen komen zonder lelijke gedachten, lelijke woorden, verkeerde gevoelens of verlangens? Als u dat meent, dwaalt u wel zeer en heeft u weinig mensenkennis. U en ik, wij allemaal, kerkbezoekers of thuisblijver, zijn zondaren. Punt.

Dominees, ouderlingen, papa,mamma, tantes, ooms, de Paus, koningen en wc juffen, allemaal zondigen ze! Niet een uitgezonderd.

Eigenlijk bestaan er maar twee soorten mensen: gered zijnde zondaren en niet gered zijnde zondaren. U mag zelf kiezen tot welke groep u behoort.

Kies dan heden wie gij dienen wilt….

woensdag 7 juni 2017

Papa bent U daar?


Heer U vraagt ons te bidden voor de mensen om ons heen, maar ze gaan allemaal dood, hoezeer we ook bidden. Heeft bidden dan wel zin? Ook als jonge familieleden ernstig ziek zijn en er wordt voor gebeden overlijden ze en sta ik weer aan het zoveelste graf.


U zegt ons Jeruzalem de vrede toe te bidden, maar het is niets dan oorlog en geweld. Mensen worden opgeblazen, onthoofd, opgehangen, kinderen aan kruizen gespijkerd. En wereldwijd bidden ontelbare mensen voor de vrede en toch is het niets dan dood en verderf. Heeft bidden zo nog wel zin? Hoeveel gebeden moeten er nog worden opgezonden voordat U ingrijpt? Heeft het lijden niet lang genoeg geduurd? Hoe velen moeten nog sterven?

Hoe komt het toch dat Uw woord vol beloften staat die nimmer vervuld lijken te worden? Begrijpen wij Uw woord misschien niet goed? Is er in de vertalingen veel niet zorgvuldig gegaan, waardoor zaken anders begrepen worden dan U bedoelde?

Uw wegen zijn hoger dan de onze, laat dat duidelijk zijn. Maar begrijpen is er voor ons zo weinig bij. Als zelfs God zich niet meer aan Zijn woord lijkt te houden, wie zijn wij mensenkinderen dan? Of verlangt U dat we net als veel anderen ook wegkijken als we constateren dat wat in de kerken en in de Bijbel geleerd wordt, vaak niet in vervulling gaat. Dat we net doen of onze neus bloedt en gewoon maar doorgaan met bidden en hopen op dat wat niet kwam?

Is die oproep tot gebed enkel bedoeld om te laten zien dat het U en ons wat kan schelen als er geleden wordt? Is ons bidden niet veel meer dan een uitdrukking van Uw eigen tranen over het leed dat de mens treft?

Papa, hallo bent U daar?

De cel en de ontsnapping via Cannabis


Iemand die altijd pijn heeft zit gevangen in een cel die niemand zien kan. Je staat op en meteen bij het ontwaken voel je de boeien van de pijn al aanwezig. Je moet de moed zien te verzamelen
deze lange dag door te komen. Proberen de fut op te brengen en te leven zoals dat van je verwacht wordt. Je lacht op de juiste momenten en als mensen vragen hoe het gaat dan steek je je hoofd uit de cel en knikt bevestigend dat het wel goed gaat. Maar diep van binnen heerst de pijn het maakt je hoofd vol met stof en je geluk horizon is niet langer zichtbaar. Soms is er een moment van verademing. Een uur, een dag, misschien wel twee. Dan is het gras weer even frisgroen, je echtgenoot een schat en je beseft weer al te goed dat dit het leven was dat je had voor die lamlendige pijn begon te heersen.

Maar dan slaat het weer toe en je alles uit handen. Je hoop, je toekomst, je verwachtingen, alles wordt opgegeten door de pijn. Je veranderd langzaam maar zeker in een schaduw van wie je eigenlijk bent. Je hebt al te veel idealen moeten laten varen en je wereld is klein geworden en krimpt met de dag nog verder. Veel mensen die euthanasie willen zijn geen zelfmoordenaars, doch hun levenskracht en levensmoed is op. Verslonden door de pijn, die voortraast als een orkaan en alles op zijn fundamenten laat schudden.

Iemand die nooit te maken heeft gehad met chronische pijnen en problemen, kan dit maar moeilijk begrijpen. Ieder mens wordt geboren met een volle accu maar pijnen, lichamelijk en geestelijk putten die accu voortijdig compleet uit. Er bestaat dan eigenlijk maar één ding in het leven: je pijn.
De omgeving vraagt of je nu nog niet beter bent en toont in het begin nog wel begrip maar langzaam wordt het begrip ergernis. Hij/zij altijd met dat gezeur over pijn. Het begrip begint te tanen en duwt de deur van jouw gevangenis nog verder in het slot. Men luistert niet langer naar je als je uit probeert te leggen hoe zeer het doet. Je ziet het aan hun ogen, hoort het aan hun woorden en de  intonatie . Je cel wordt elke dag iets duisterder en het enige wat overblijft, is hopen op….

Dan ontdek je wietolie. Het verzacht je pijn. Het opent even de deur van je cel en laat je je eerste stappen zetten over de gang van het leven. Er komt weer wat licht naar binnen. Je lacht en beseft dat dit lang geleden is. Je slaapt weer goed en ook dat is lang geleden. Je humeur verbetert en ook daarvan besef je dat je door de pijn voor lange tijd niet meer opgewekt kon zijn. Wiet geneest soms (lang niet altijd) maar vaak kan het wel voor een levensverbetering zorg dragen.

Dat moment waar je de hele dag naar uitkijkt. Voor mij ligt dat (nog) alleen rond slapenstijd. Het innemen en ervaren dat je in rustiger vaarwater komt als het begint te werken. Wat anderen er van denken kan je niet langer schelen, je hebt een stukje van je leven terug. Een klein stukje maar. Doch wat kan een mens dankbaar zijn om dat terug te krijgen samen met wat hoop. Laat je dat niet ontnemen door de bellerende massa die meent dat wiet slechts iets is wat slappe verslaafde mensen gebruiken. 

Wiet is een van de kruiden die onze Schepper bedacht heeft om u en mij een klein beetje te helpen om door deze keiharde wereld heen te komen. Maak daar dus gebruik van! Ik heb het niet bedacht, maar grijp deze kans wel met twee handen aan om elke dag een tijdje uit de cel te mogen om “gelucht” te worden. Mag ik!

Mocht jij ook van je pijn af willen, waag dan gerust een poging op het wietforum…..


Heilige instrumenten en andere onzin


Ik lag op mijn legerstede te rusten en vroeg de Schepper om te zien wat nu werkelijk de kern was waarom alles draaide binnen het geestelijk leven. Ik zag kerkmuren verdampen,
dogma’s en stellingen, catechismen en kerkhoedjes vlogen in de lucht en verdwenen uit het zicht. Een scala aan opwekkingsliederen fladderde over de rand van de realiteit en verdween.

Kerkorgels en andere “heilige instrumenten” stond in lichterlaaie en kerkklokken kwamen met donderend geraas naar omlaag. Preekgestoelten werden door de molm aangevreten en verstoven als los zand. Torens storten omver, toga’s vielen als oude lorren uiteen en ik zag mensen die hier op aarde nu heel belangrijke taken vervullen verdampen. Blessings al dan niet uit Toronto, boeken vol gaventesten en andere spirituele bestsellers, ze vervielen allen uiteen en verwaaiden als losse bladeren.

Ik zag opgeheven handen, hoorden stemmen proclameren, zag mensen uit alle naties en talen die meenden dat hun Godsdienst zaligmakend was. Er waren kerknamen, van gerebaptiseerd tot gepinksterhervormden. Ze werden aan stukken geworpen door een reusachtige engel.  Ik hoorde leerstellingen, filosofieën en allerhande Godsdienstlessen die uiteen vielen als los zand en verstoven op de wind. Alles leek op te lossen tot er zicht kwam om de kern. 

Daar stond plotseling een man op het strand met kinderen om zich heen. Hij hurkte neer en schreef woorden in het zand.
Er stond: als alle bedekkingen wegvallen, wordt het ware goed zichtbaar. Elk kind had een schitterende lichtgevende ster in zijn handen die fonkelde zo sterk dat je er niet lang naar kon kijken.
“Dit, sprak de Heer, is wat werkelijk van belang is, al het anders is opsmuk, ballast en van generlei belang.
Kerkgebouwen, systemen, filosofieën, dogma’s, leerstellingen, opvattingen allemaal niet  van heus belang mijn kind. Ware Godsdienst is met Mij zijn, want ik ben het ware licht. Zonder dat licht is alles dood en dor. De kern, dat ben Ik zelf. Al het andere is opsmuk en bijzaak en zal vervallen als Ik kom om jullie te halen. Van het hele christendom zal slecht dát overblijven wat gedaan is in relatie met Mij. Al het andere is onbelangrijk. Tradities, gewoonten, dogma’s, leestellingen, ze zijn slechts slap en kromgetrokken pogingen van mensen om het levende woord in een formule te vangen. Doch het ware woord laat zich nimmer binden of vangen.

Ik ben nooit gekomen om je een mooi en zalig leven te schenken doch om je te verlichten van binnen uit en over de muur van de aardse beperkingen te tillen. Pas dan zal het ware goed zichtbaar worden…

dinsdag 6 juni 2017

Een goede vrouw wie zal haar vinden?


Oké, in de grondtekst staat goede “huisvrouw”, maar dat is een lelijk
woord in deze tijd waarin bijna alle vrouwen buitenshuis werken. Begrijpen doe ik het niet, want eindelijk is de techniek zover dat je middels stofzuigers, wasmachines, vaatwasmachines en een heel scala hulpmiddelen zou verwachten dat de vrouw zou denken: hé, hé, eindelijk eens een momentje voor mijzelf. Maar nee. 

Ze zijn buitenshuis aan de slag gegaan, een in mijn beleven minder slimme zet want ze hadden het eindelijk eens gemakkelijk kunnen hebben. Maar goed, de tweede auto moet er komen en dus aan de slag met dat mens.

Weet nog als de dag van gisteren dat de oude kromgetrokken meubelmakers bij mijn allereerste werkgever Steenkamer meubels met 57.5 met de VUT mochten. Een stoet van oude mannekes die mochten stoppen. Stokoud en al bijna dood. Nu ik zelf richting de 57 ga, besef ik pas hoe de jongeren mij zien. Een fossiel dat zijn beste jaren reeds achter de rug heeft. Ach, ze hebben gelijk, welja!

Ik stopte met mijn werk ruim een jaar geleden in de bouw en ben nu de huisman. Moet zeggen dat alles in huis (op de was na) door mijn handen gaat en dat ik steeds meer waardering krijg voor de huisvrouwen, want je hebt er een dagtaak aan, wat ik je brom. Dus waar al die leuke dames de fut en de tijd vandaan halen om ook nog eens buitenshuis aan de slag te gaan, is mij een raadsel. En toch blijf ik met het gevoel zitten dat ze thuis een goed bestaan hadden toen ze die snertbaan nog niet hadden.

Ik zal me wel vergissen. 

zondag 4 juni 2017

Jehova's getuigen in de put


Onder de vlonder van de uitbouw woont Dirk de pad. Het is een
moddervet beest dat vreemde wulpse geluiden maakt, die doen denken aan een mandril in paringstijd. Ik denk dan ook dat het een soort paringsroep is, maar heb geen verstand van paddenseks. U wel?

Men kan niet alles weten. In de nacht klinkt zijn roep het luidst en dan hoor je ook een soort echo, want iemand (ik neem aan zijn vrouw want ze heeft een hogere stem) geeft antwoord.
Dirk begint en dat klinkt als: Waarkboooorrren. Dan komt het antwoord dat klinkt als:”Onkwaaaakkkktt. Na een tijdje te luisteren gaat je fantasie met je op de loop en klinkt het als: ”Wachttoren en ontwaakt.” Zouden mijn padden getuigen van Jehova zijn? Dat ze langs de deuren gaan en bij mij onder de vlonder hun koningszaal vol zingen met die vreemde volzinnen?

Of komt religie niet voor onder koudbloedige? Wat weet een mens op de keper beschouwd toch weinig. Eergisteren betrapte ik hem op een heuse vrijpartij. Wilde er nog een foto van maken maar aan de andere kant moet je iemand seksleven in de privésfeer houden.


Ik ben bang dat er snel gezinsuitbreiding komt en wat er dan allemaal voor geluiden in de nachtelijke uren ons deel zullen worden is de hamvraag. Eergisten klonk zijn roep wel erg raar. Bij nader onderzoek bleek Dirk met zijn wachttoren-geluiden in de droogstaande put gekletterd. Heb hem er maar uitgenomen en teruggezet onder de vlonder. Dag Dirk, maak er wat van en pletter weer niet in de put wil je….