Alle volgers bedankt voor het lezen
en het bezoeken van het weblog. Met ruim 800 bezoekers per dag toch een in een of meer behoeften zijnde kwestie. Soms denk ik er wel eens aan te stoppen met webloggen omdat je tegenwoordig zoveel doet op Facebook. Heb derhalve ook de optie om bezoekers te kunnen laten reageren het hele jaar dicht laten staan. Er gaat al zoveel tijd zitten in het beantwoorden van wat er op Facebook gebeurt.
Ik wens iedereen een geweldig fijn te komen nieuw jaar toe, waarbij Hij wederom centraal staat. Want een nieuw jaar is leeg zonder dat je weet dat de Heer van de tijd met je is.
IK zal dit blog open laten dus wil je iets kwijt, dan kun je het er voor de verandering achterlaten....
zaterdag 31 december 2016
woensdag 28 december 2016
Zwijgend bandje plakken
De zon kust met haar wulpse lippen de horizon oranje/geel. Molenaars rekken zich uit en sloffen in hun lange onderbroeken door de molens in een poging het stof der nacht van het vege lijf te schudden. Meestal lukt het pas als molenaars-vrouwen sterke koffie zetten op een peteroliestel en middels een pruttelpotje droogkoken.
Het is nog doodstil in de Molenwaard als de eenzame fietser nat wordt van de dauw want de morgenstond ontwaakt altijd met consumptie. Een eenzame hond heft zijn poot tegen een scheefstaande lantaarnpaal en dribbelt verder langs het riet. Smienten fluiten in de sloot en als je heel stil bent kun je een ransuil horen krassen nog net voordat hij naar zijn olm vertrekt om weer een gat in de dag te pitten.
Een vrouw met lang haar fietst langs me heen en kijkt angstig naar mij alsof ik van plan ben om iets onzedelijks te presteren. Ik groet haar maar ze zegt niets terug. Niet goed gemutst zeker! Dat komt in de beste families voor. Vandaag maar eens bij de eendenkooi kijken of Arie en Annelies er al zijn.
Dan hete koffie en verder zien we wel hoe zaken lopen.
De vrouw komt lopend met de fiets in de hand terug. Ze heeft een lekke band en kan nu wel praten. Of ik plakkers heb? Ik zwijg, stap op mijn fiets en serveer haar een koekje van eigen “zwijgdeeg” terug en rijd weg. Als je nog niet eens vriendelijk kunt groeten, denk je toch zeker niet dat ik onder je fiets kruip! Ik ben wel gek maar niet goed!
dinsdag 27 december 2016
Een beetje opgeblazen gevoel
Dat is immer mijn deel na de feestdagen. Eet ik dan zoveel of ken ik geen gezonde grenzen? Wel, het is meer dat je uren aan tafel zit en anders eet. Ja ook later eet, waardoor ik uit mijn plezierige ritme geraak. Daarbij zit je de hele dag binnen te plakken iets waar ik van ga stinken ter hoogte van mijn borsthaar, dacht ik.
Beetje misselijk gevoel nu. Vrienden komen en zetten een doos bonbons op tafel dus je neemt er een paar, dat is gezellig.
Familie sleept een reusachtige ijstaart mee en na de nootjes, de koffie, de amandelstaven, het kerstbrood en de port, de patat, de biefstukjes, salade en stokbrood glijdt de ijstaart ijskoud je ingewand binnen. De hele nacht heb je het onbedaarlijk warm en klinkt het in je buikstreek of men er een redelijke burgeroorlog aan het uitvechten is.
De remedie is: flink aan de slag. Stofzuigen, ramen lappen, boodschappen halen en om niet te vergeten vanavond een keer sober eten. Je stikt van de restjes dus een broodje erbij en wat sla en hup, klaar. Feestdagen zijn heerlijk en leuk, doch ik heb meer op met “normaal”…
maandag 26 december 2016
Lik me in het verzorgings-tehuis
In het verzorgingstehuis is het warm en gezellig. Overal hangen ballen, kerstgroen en een geur van eten welks over de afdelingen zweeft alsof er een Orang Oetan iets onbehoorlijks heeft zitten uitpersen in een of andere hoek. Verpleegsters stappen op kippenkluifjes gelijkende kuitjes over de met linoleum bedekte gang en wiegen met hun weelderige billetjes de kamers binnen. De ouderen zijn leeg gepoept en het Norovirus lijkt over.
Ma lust wel een plakje pitjeskaas dat ze zonder tanden wegmaalt. Zoetigheid wordt door de verpleegster met het lange rode haar en de knokige knietjes afgeraden, zodat ik met stukjes worst, kaas of ander hartigs aan kom zakken.
Ma laat het zich goed smaken en kijkt ondertussen met een half oog televisie die op een of andere zender staat vol reclame. Een dame met turboneusgaten vertelt dat haar leven compleet is veranderd. Ze is nog nooit zo gelukkig geweest en is zo blij dat ze de stap eindelijk gemaakt heeft. Ze staat blij op en slaapt beter, rustiger, gelukkiger. Tja, de Heer gevonden zeker, tis tenslotte kerst! Maar nee! Ze heeft het over een Smart-mop.
Een soort kruising tussen een poedel en een zwabber die haar hele leven heeft veranderd. Je kunt er je wc mee doen, je tanden poetsen, lastige mensen knuppelen, de vloer schrobben en iets tegen aambeien weg schoffelen. Ze vinden wat uit hoor tegenwoordig!
De corpulente schoonmaakster die niet zou misstaan in een nieuwe aflevering van jurassic world, dreunt nu door de gangen op heipalen gelijkende benen. Ik ben er een beetje bang voor als ik eerlijk ben. Ze heeft van die harde handen, volgens mij.
Een bebaarde bewoner rijdt in een rolstoel voorbij en roept onafgebroken een zin die klinkt als: ”Lik mijn reet, lik mijn reet.” Omdat dit nu niet echt past bij de sfeer van kerst, lijkt het mij een goed idee de oude dementerende man te groeten met de woorden: ”Een goede kerst ook voor u.”
Even zwijgt hij en kijkt me met waterige ogen aan. Dan zet hij zijn langspeelplaat weer in de groef enkel laat hij het “mijn reet” weg. Lik me, lik me, lik me, lik me,” klinkt het nu over de gangen. Ik ben maar snel weggegaan…
Een soort kruising tussen een poedel en een zwabber die haar hele leven heeft veranderd. Je kunt er je wc mee doen, je tanden poetsen, lastige mensen knuppelen, de vloer schrobben en iets tegen aambeien weg schoffelen. Ze vinden wat uit hoor tegenwoordig!
De corpulente schoonmaakster die niet zou misstaan in een nieuwe aflevering van jurassic world, dreunt nu door de gangen op heipalen gelijkende benen. Ik ben er een beetje bang voor als ik eerlijk ben. Ze heeft van die harde handen, volgens mij.
Een bebaarde bewoner rijdt in een rolstoel voorbij en roept onafgebroken een zin die klinkt als: ”Lik mijn reet, lik mijn reet.” Omdat dit nu niet echt past bij de sfeer van kerst, lijkt het mij een goed idee de oude dementerende man te groeten met de woorden: ”Een goede kerst ook voor u.”
Even zwijgt hij en kijkt me met waterige ogen aan. Dan zet hij zijn langspeelplaat weer in de groef enkel laat hij het “mijn reet” weg. Lik me, lik me, lik me, lik me,” klinkt het nu over de gangen. Ik ben maar snel weggegaan…
zaterdag 24 december 2016
De herdertjes lagen bij nachten
Ik geloof het niet als ik eerlijk ben. Ook in Israël is het rond de decembermaand om te ijsberen dus lijkt het mij nogal bedenkelijk om dan op de open velden te kamperen. Wellicht is het klimaat veranderd de laatste 2000 jaar, dat zou natuurlijk kunnen. Logischer is dat de geboorte van Christus op een heel ander tijdstip geweest is.
Maar om de sfeer van kerst niet te veel te verpesten, zal ik er verder over zwijgen. Waar het om gaat is niet het exacte tijdstip van Zijn komst maar dát Hij kwam. Zonder Jezus is je kerst mis, las ik ooit. Oké, ook zonder Hem kunnen wij een fijne tijd hebben met bomen, ballen en vetgemeste kerstganzen uit de oven. Maar toch is het een schralere vorm van existentie.
erst is voor velen nagenoeg weer het einde van de feestdagen maar voor de christen is het net andersom, het begin van een groot feest dat zal eindigen in de oneindigheid. Goed, tot die tijd zing ik wel mee, dat de herdertjes bij nachten in het veld lagen. Ik glimlach als ik de kerststal zie en nog harder als ik aan de Kerstman met zijn rendieren denk. Folklore is mooi hoor. Zolang we het maar niet aanzien voor het ware goed…..
Een dolle stier
Het leven gelijkt op een draaimolen, zegt het spreekwoord.
Draai je er op mee, dan blijf je zitten. Ga je er tegen in, dan kletter je er
af.
Een aardige vergelijking, doch ik vind het ten dele.
In mijn overtuiging heeft het leven veel meer weg van een
soort rodeo. Je probeert zo goed mogelijk om in het zadel te blijven, terwijl
anderen op de knoppen drukken in de hoop je te zien kletteren. Nou ja, dat is
wellicht te kras en negatief gedacht, maar toch…
U was toch niet in de veronderstelling dat u de controle
heeft over uw leven? Dat u in staat bent uw komen en gaan aan te sturen? Ik wil
u niet ontmoedigen hoor, maar het leven op aarde is te complex en zit vol met
momenten waarop blijkt dat controle juist het element is wat wij missen als het
er op aan komt.
Het is en blijft een strijd, meen ik. Er is weinig sprake
van lekker zitten en meedraaien met de molen. Nee, het is een intense
inspanning om op je paard (stier) te blijven want het leven maakt vreemde
bokkensprongen. Naar links, naar rechts, op en neer en vaak onverwachte
maneuvers die je uit het levenszadel proberen te wippen.
De schoolopleiding, je werk, je collega’s, de kerk, je
gezondheid, verliefdheden, je huwelijk, je kinderen je….Allemaal zaken die niet
gezapig hun rondje draaien. Wel nee! Ze overvallen je, zetten je klem, laten je
stuiteren, winden je op, stellen teleur, maken je verdrietig of blij en laten
je op je plaat gaan als je de teugels even laat vieren. Je moet strijden,
vechten, knokken, vasthouden, geloven, vertrouwen. Het gaat heus allemaal niet
van een leien dakje. Wen er maar aan. Nix op een draaimolen gezellig rondjes
draaien met de muziek mee. Een dolle stier die er alles aan doet om je uit het
zadel te wippen, komt dichter in de buurt…
donderdag 22 december 2016
De kerk is Gods huis niet
Natuurlijk moeten wij het Huis van God (de kerk) niet vergeten. Zeker niet rond deze dagen waarin de kerststal in menig huis centraal staat.
En dat terwijl er nergens in de Bijbel staat dat het kindje in de stal werd geboren. Ik vind dit "Huis" van de Schepper (de kerk op Gouderak) zo sfeervol dat ik denk dat hij hier ook wel eens getoont mag worden.
Zo niet dan hup weg ermee! Ik houd van de kleuren en het groen dat in meninge kerk het plafond kleurt. Sommige mensen beweren dat groen niet snel door houtwormen en ander gespuis wat hout aantast, wordt aangevreten. Of dit waar is? In ieder geval zijn veel kerken voorzien van een groen plafond....
Hoewel het echte huis van God nimmer een gebouw is dat door mensen is gemaakt. Zijn echte huis is uw hart. Als Hij moet kiezen om al de kerkgebouwen in de wereld om te ruilen voor één kinderhartje, dan zou Hij dat meteen doen. Daarom schiet ik altijd in de lach als ik voorgangers hoor beweren dat God in het kerkgebouw woont. Grote ONZIN!
Hoewel het echte huis van God nimmer een gebouw is dat door mensen is gemaakt. Zijn echte huis is uw hart. Als Hij moet kiezen om al de kerkgebouwen in de wereld om te ruilen voor één kinderhartje, dan zou Hij dat meteen doen. Daarom schiet ik altijd in de lach als ik voorgangers hoor beweren dat God in het kerkgebouw woont. Grote ONZIN!
woensdag 21 december 2016
Bijna Kerst
dinsdag 20 december 2016
Hup, ouwe gooi je benen in de hoogte
Ma giert van de lach als ik dat roep zodra ik binnenkom. Het noro-virus heerst op de afdeling zodat in al de kamertjes oude mannen en vrouwen
zitten te poepen en te spugen. Niet zo leuk en de afdeling wordt op die manier gedompeld in een zware damp die je normaliter op een boerderij aantreft.
Je moet eerst je handen wassen in een alcohol-oplossing en ook als je de afdeling verlaat, moet je even je kluiven wassen omdat het virus erg besmettelijk is. Aldus de leuke dames van de verpleging die in de zweem van ontlastingsdampen een beetje misplaatst zijn. Zulke dames behoren in je dromen te rennen met de geur van wilde limoenen over een onbewoond subtropisch eiland. En jij er dan maar achteraan met je grijze borsthaar en spillebenen.
Maar de helse geur zet een domper op dromen dus lachen ma en ik wat. Humor is bij ma niet door de dementie aangetast. En dat is fijn want lachen schept ruimte in je ziel. De Bijbel zegt dat lachen niets uitwerkt. (prediker). Mag ik het daar eigenwijs mee oneens zijn! Zonder humor zou het leven een stuk minder leuk zijn, me dunkt. Ma weet weinig meer. Er is geen sprake meer van interactie. Behalve bij humor. Dus braad ik daar als een volleerd komiek, het beste van uit de boter.
Door een kier van de gedeelde wc tussen moeders kamer en de aangrenzende, zie ik een man op toilet zitten. Hij zit ernstig starende tussen zijn benen met een blik van uiterste verbazing op zijn gezicht of hij wil zeggen: wat heb ik daar nu aan mijn vege lijf hangen?
Het gelijkt op een nat gekauwde sigaar van de mollenvanger. Ik sluit zachtjes de kierende deur.
Ik ren door de kamer met een enorme teddybeer op mijn schouders en dans een Samba. Nou ja, ik doe een poging in die richting. Rand de beer aan en laat een wind. Alles om moeder even te horen lachen wat gelukt. Ma lacht haar tandeloze mond bloot en kotst vervolgens alles onder.
Nou dat was weer feest allemaal. Ik schuif schuldig naar de verpleging die alles weer in orde maakt. Toch knap van die leuke meiden dat ze zulk werk doen. Ga er maar aanstaan. Een afdeling vol brakende en poepende ouden van dagen. Ik bewonder ze en heb een hekel aan ze. Een vreemde combi die voorkomt uit de gekke situaties die een demente moeder nu eenmaal oplevert. De verpleging wrijft het er als het ware extra in dat de moeder die ma ooit was, voor altijd is vertrokken…
Door een kier van de gedeelde wc tussen moeders kamer en de aangrenzende, zie ik een man op toilet zitten. Hij zit ernstig starende tussen zijn benen met een blik van uiterste verbazing op zijn gezicht of hij wil zeggen: wat heb ik daar nu aan mijn vege lijf hangen?
Het gelijkt op een nat gekauwde sigaar van de mollenvanger. Ik sluit zachtjes de kierende deur.
Ik ren door de kamer met een enorme teddybeer op mijn schouders en dans een Samba. Nou ja, ik doe een poging in die richting. Rand de beer aan en laat een wind. Alles om moeder even te horen lachen wat gelukt. Ma lacht haar tandeloze mond bloot en kotst vervolgens alles onder.
Nou dat was weer feest allemaal. Ik schuif schuldig naar de verpleging die alles weer in orde maakt. Toch knap van die leuke meiden dat ze zulk werk doen. Ga er maar aanstaan. Een afdeling vol brakende en poepende ouden van dagen. Ik bewonder ze en heb een hekel aan ze. Een vreemde combi die voorkomt uit de gekke situaties die een demente moeder nu eenmaal oplevert. De verpleging wrijft het er als het ware extra in dat de moeder die ma ooit was, voor altijd is vertrokken…
Je had elkaar
Gek genoeg ben ik te stom om een telefoonnummer snel te onthouden of als iemand zich voorstelt ben ik op het moment dat ik de naam te horen krijg hem al weer kwijt, maar ik herinner mij wel dat ik mijn eerste stapjes maakte. Onmogelijk, zeggen velen. Toch weet ik nog precies dat ik me aan het oude dressoir op kon trekken en leerde staan en lopen. Enkel stootte ik mijn hersens tegen de sleutel die een put in mijn hoofd naliet.
Als ik zie hoe onwijs goed wij het nu hebben, dan kan ik niet anders zeggen dan dat we een redelijk decadent leven lijden. Bij ons thuis stond een tafel met zes stoelen, een oud bankstel, een dressoir en een brok linnenkast (midden in de woonkamer) en niet te vergeten een flipperkast.
Een flipperkast? Ja, dat was een idee van mijn vader. Die kocht om het jaar een verse oude flipperkast dus u begrijpt dat wij de hele dag stonden te kleunen. Verslavend, dat wel. Ik kan mijzelf ook niet geheel losmaken van het idee dat het dreunen, dat zo’n flipperkast nu eenmaal doet, ook via de vloer aan de buren door werd gegeven. Maar ze klaagden niet, men kon vroeger meer van elkaar hebben.
Je mocht ook meer. Vuurtje stoken op je eigen terrein, pissen tegen een boom, je auto op straat wassen, een biertje op straat, enfin het was leven en laten leven.
De buurt stond de halve zomer voor de deur te hangen. Niet dat aso-gedoe hoor, met bankstellen voor de deur, maar gewoon volks. Samen een biertje. “Peet pak jij eens zes flesjes bier uit de koeling.” En dan maar kletsen voor de deur. Beurzen noemde men dat. Of als je grof wilde zijn “lulbeurzen”.
De laatste roddels doorgeven. Roken, biertje, lachen. Lag je als kind dan op bed dan klonk het vertrouwd dat praten en lachen voor de deur. Het hoorde er zo bij en gaf je een gevoel van veiligheid. Het is juist dát gevoel wat Nederland grotendeels is kwijtgeraakt in deze moderne tijd. Ooit kon je van elkaar op aan. Gingen buren met elkaar vissen, hielpen elkaar behangen en konden elkaar van naam. Ik kan nu bijna nog de gehele straat opnoemen wie er woonden. Kom daar eens op in deze moderne tijd! Zeker in de grote steden weet vaak geen hond meer wie er naast hem of haar woont. Toch een gemis. Je had toen geen burgerwacht. Dat was niet nodig want je had elkaar……
De buurt stond de halve zomer voor de deur te hangen. Niet dat aso-gedoe hoor, met bankstellen voor de deur, maar gewoon volks. Samen een biertje. “Peet pak jij eens zes flesjes bier uit de koeling.” En dan maar kletsen voor de deur. Beurzen noemde men dat. Of als je grof wilde zijn “lulbeurzen”.
De laatste roddels doorgeven. Roken, biertje, lachen. Lag je als kind dan op bed dan klonk het vertrouwd dat praten en lachen voor de deur. Het hoorde er zo bij en gaf je een gevoel van veiligheid. Het is juist dát gevoel wat Nederland grotendeels is kwijtgeraakt in deze moderne tijd. Ooit kon je van elkaar op aan. Gingen buren met elkaar vissen, hielpen elkaar behangen en konden elkaar van naam. Ik kan nu bijna nog de gehele straat opnoemen wie er woonden. Kom daar eens op in deze moderne tijd! Zeker in de grote steden weet vaak geen hond meer wie er naast hem of haar woont. Toch een gemis. Je had toen geen burgerwacht. Dat was niet nodig want je had elkaar……
Abonneren op:
Posts (Atom)