vrijdag 1 maart 2013

Stoere bouwvakkers


Op het werk wemelt het van de mensen die naar de kerk gaan, een ervan ben ik. Ruim vijftig stoere bouwvakkers bij elkaar. Het vreemde is dat je dan wellicht zou verwachten dat de gesprekken heel vaak over het gezamenlijk geloof zouden gaan, maar dat is niet zo. Heel veel mensen hebben het onuitgesproken idee dat geloven iets is voor de zondagmorgen en als toetje bij het bijbellezen na de avondmaaltijd. Een vreemde zaak want een waar spreekwoord zegt niet voor niets dat waar het hart van vol is de mond van overloopt. Heel soms heb je toch een gesprekje over de Here Jezus en dan voel je direct dat de afstand tussen twee mensen wegsmelt.
Je bent dan niet langer: Hervormd, Baptist, Gereformeerd, Evangelisch of weet ik welke naam men jou heeft opgeplakt om te duiden waar je in gelooft, je bent plotseling gelijken in de Heer. Dat is het meest wonderlijke van samen bidden, samen over de Heer spreken of de bijbel openen. Op het ogenblik dat je samen knielt voor de Meester, vallen alle verschillen weg!
Er is dan geen rijk of arm meer. Geen oud of jong. Zelfs intellect speelt geen enkele rol meer. Op het moment van samen Jezus zoeken en knielen, zijn schouders altijd even hoog.

Breng daarom het evangelie, gelegen of ongelegen! Veel christenen hebben daarvan gemaakt dat ze of het nu gelegen komt of niet bij die ander, het woord Gods door hun strot moeten prakken. Dat is niet juist. Er wordt bedoeld dat wij het evangelie moeten delen of het “ons”  nu gelegen komt of niet.
Onverwacht fijne gesprekken met mensen, hoe zijn jouw ervaringen?

1 opmerking:

  1. In mijn jeugd kwam ik in een kleine gemeente. Zo klein, dat iedereen op de een of andere manier moest mee helpen. Ome Jan was een bouwvakker; hij was de heibaas. De gasten van de heiploeg waren de ruwste van de bouw. En ook ome Jan had niet altijd zijn mond in bedwang.

    Ome Jan werd gevraagd de zangleiding te doen. 'Dat KEN ik toch niet man!' verweerde hij zich. Maar het moest toch. Die eerste keer was ome Jan vreselijk nerveus. Hij klemde zijn enorme handen rond de catheder alsoh hij het ding weg wilde werpen.

    Maar de liederen hechtte hij aan elkaar door tussendoor over zijn dagelijks leven te vertellen. In de heiploeg. En ome Jan bleek door de week dezelfde als zondags: zoals jij schreef Peter: gelegen of ongelegen: ome Jan getuigde van zijn geloof. Meestal voor zijn maten ongelegen.

    Zo zie je: God plaatst Zijn soldaten waar Hij ze nodig heeft. Hij plaatst geen dominee in de heiploeg; hij plaatste er ome Jan.

    BeantwoordenVerwijderen

Opmerking: alleen leden van deze blog kunnen een reactie plaatsen.